Beleggen
Steeds meer mensen
zijn voor hun financiële doelen afhankelijk van beleggingen.
Uw onbezorgde leven in het heden of in de toekomst. Eerder
kunnen stoppen met uw werk. Het inlossen van uw
hypotheekschuld. De noodzakelijke aanvulling van uw
pensioen. Bij deze doelstellingen is beleggen ineens geen
spelletje meer, maar serieuze noodzaak.
Er
zijn veel mogelijkheden om vermogen te beleggen.
Sparen staat voor garantie.
U weet precies
hoeveel u heeft, het ingelegde vermogen krijgt u
altijd terug. U weet zeker dat u een rentevergoeding
zult ontvangen, die echter wel kan variëren. Het vermogen
dat u opbouwt moet wel altijd worden bekeken in het licht
van de koopkracht, prijzen worden immers ieder jaar duurder.
Een besteedbaar vermogen van € 100.000 is over 30 jaar bij
een gemiddelde inflatie van 2,3% nog maar de helft aan
koopkracht waard. Om deze reden zoeken veel spaarders een
hoger rendement dan de inflatie vermeerderd met de
gemiddelde belastingdruk op het vermogen.
Bij beleggen weet u niet
vooraf wat uw belegging oplevert.
Daar staat
tegenover dat uit economisch onderzoek blijkt dat er
een grote kans bestaat dat u beloond wordt met een
hoger rendement dan dat u op een spaarrekening zou hebben
ontvangen, maar u loopt risico.
Een beloning
voor het gelopen risico, maar wat is dan risico?
Risico
is de kans dat een verwachting niet uitkomt…
Dan moeten we
dus beginnen bij hetgeen dat we kunnen verwachten!
De keuze of
beleggen iets voor u is, hangt af van een aantal factoren:
uw houding
ten aanzien van het te nemen risico;
de periode
die u heeft om te beleggen;
de mate van
afhankelijkheid van de resultaten;
inzicht en
ervaring in de verwachtingen van uw belegging.
Voor een serieuze
noodzaak is een serieuze aanpak nodig. Hier geven wij u
beknopt een overzicht waaraan u moet denken bij het inkopen
van beleggingsoplossingen. U krijgt inzichten mee om vooraf
duidelijk te krijgen wat u in de toekomst kunt verwachten.
Stap 1: Is beleggen wel iets
voor mij?
Iedereen zal
tot zekere hoogte moeten beschikken over spaarvermogen, om
de onvoorziene uitgaven te kunnen doen. Enkele maanden netto
salaris op uw spaarrekening creëert rust, er kan namelijk
altijd iets onverwachts gebeuren.
Niets is zo
vervelend om dan uw vermogensplanning te moeten aanpassen.
Indien u al
een bestemming heeft voor uw vermogen en deze besteding zal
binnen drie jaar plaatsvinden, dan is het verstandig extra
te reserveren op uw spaarrekening. Met geld wat u de komende
drie jaar al weet nodig te hebben is beleggen onverstandig.
Is daarnaast
nog vermogen over dan kunt u gaan beleggen. Stort u dan niet
in een naïef avontuur, onderzoek de mogelijkheden en
beperkingen van beleggen. Ook voor u is er de mogelijkheid
om tot een verantwoorde belegging te komen, ook al bent u
voorzichtig ingesteld.
Beleggen als
hobby
Vindt u het
leuk om beleggingservaring op te doen? Wilt u de adrenaline
als onverwachte resultaten plaatsvinden? Wilt u zelf actief
koersen volgen en transacties uitvoeren?
Heeft u de
tijd om wekelijks te analyseren? Dat kan…
Open een
rekening bij een digitale effectenbank en stort dat vermogen
wat u kunt missen. Gaat u er ook maar vanuit dat u het geld
al kwijt bent, probeer het nu weer terug te verdienen. Voor
onervaren beleggers is het raadzaam eerst met een fictieve
portefeuille te beginnen. Als u na drie jaar bovengemiddelde
rendementen haalt, probeer het dan eens met echt geld. Het
grootste gevaar van de hobbyist is zijn emotie. Emotie is
een slechte raadgever. Dit boekje is niet bedoeld voor de
actieve hobbyist.
Kent u de
volgende vijf 'gouden tips', die vaak gehoord worden:
☺ Denk niet na
over risico's, alleen rendement telt.
☺ Zorg voor
voldoende hebzucht.
☺ Als u niet
verkoopt heeft u ook geen verlies.
☺ Beleg alleen
op basis van vrienden en kennissen.
☺ Bedenk: op
lange termijn komt alles goed!
Herkent u zich
in een van deze 'gouden tips' dan is het raadzaam te stoppen
met uw hobby, deze zal wel eens erg kostbaar uit kunnen
vallen! Ook kunt u natuurlijk bij ons binnenlopen om serieus
te bezien welke beleggingen bij u passen.
Beleggen binnen
een financieel plan
Daar waar
vermogensgroei een serieuze noodzaak is komt de
professionaliteit om de hoek kijken. U zult een verantwoorde
beleggingsportefeuille moeten opbouwen, passend bij uw
wensen en doelstellingen. U dient zich door uw adviseur goed
te laten informeren over de mogelijkheden zodat u een
weloverwogen beslissing kunt nemen.
Een
beleggingsportefeuille waarbij vooraf geen goede
inventarisatie wordt gemaakt van uw persoonlijke situatie,
wensen en doelstellingen is een losse flodder. Dient de
portefeuille ter inlossing van de hypotheekschuld? Hebt u
voldoende inkomen? Hoe zijn uw maandelijkse lasten verdeeld?
Hebt u voldoende spaargeld? Hoe zit het met uw ervaring?
Welke risico's zijn acceptabel? Hebt u onttrekkingen nodig
uit uw portefeuille? Wat is looptijd van uw belegging?
Kortom, voldoende vragen om eerst met een adviseur aan tafel
te zitten.
Uw financieel
adviseur of financieel planner kan een beleggersprofiel
bepalen aan de hand van een (beknopte) vragenlijst. Hiermee
krijgt u inzicht in uw eigen risicoprofiel, objectief
opgesteld aan de hand van de informatie die u
verschaft en niet op basis van de indruk die de adviseur van
u hebt. Uw beleggersprofiel vormt de basis voor de keuze van
een beleggingsportefeuille. Let op dat u zich kunt herkennen
in het voorgestelde profiel.
Om planmatig
een beleggingportefeuille te kunnen beheren is structureel
inzicht vereist in uw persoonlijke situatie. Het is
onvoldoende om alleen aan het begin het beleggersprofiel te
bepalen. Wijzigingen kunnen zich voordoen in uw persoonlijke
situatie: gezinsuitbreiding, ander werk, een andere woning
etc. Ook situaties op de internationale markten,
bijvoorbeeld de aanslagen in Amerika op 11 september 2001
kunnen uw profiel wellicht wijzigen.
U zult
periodiek uw beleggersprofiel moeten onderhouden zodat uw
profiel en beleggingsportefeuille met u meegroeien. Geef
wijzigingen in uw situatie dan ook zo snel mogelijk door aan
uw adviseur!
Wat kan een
belegging mij opleveren?
Als u in 1970
€ 10.000,- had belegd in wereldwijde aandelen, was dit
bedrag aangegroeid tot ruim € 250.000,- eind 2003. Dit is
een gemiddeld rendement van 10,15%. Indien u dezelfde
€ 10.000,- zou
hebben belegd in staatsobligaties, respectievelijk een
spaarrekening dan zou dit zijn aangegroeid tot € 100.000,-
(gemiddeld 7,1% per jaar) respectievelijk € 68.000,-
(gemiddeld 5,8% per jaar) eind 2003. U kunt zich
waarschijnlijk wel iets voorstellen bij de stijging van de
prijzen tussen 1970 en 2004. Met uw aangegroeide vermogen
kan dus veel minder worden gekocht. Deze prijsstijging
(inflatie) moeten we verrekenen met het rendement van onze
belegging. In de gestelde periode groeit uw reële vermogen
bij aandelen met 6,8%, bij obligaties met 2,8% en op de
spaarrekening met 1,5%. Een aandelenbelegging wordt bij een
inflatiecorrectie nog interessanter dan een
obligatiebelegging of spaarrekening doordat de inflatie een
absoluut percentage is.
|UP|
Stap 2: Welke beleggingen zijn voor
mij interessant?
Er zijn vier
basisinstrumenten waarmee belegd kan worden. Iedere
beleggingsportefeuille begint met het samenstellen van een
zogenaamde Asset Mix. De verdeling van het vermogen in
aandelen, obligaties, vastgoed en liquiditeiten. Deze
verdeling bepaalt voor 75% het risico en het
rendementspotentieel van de beleggingsportefeuille.
Verschillende
beleggingsinstrumenten
De
geschiedenis leert ons dat aandelen het meeste rendement
opleveren, hierin zit echter ook het meeste risico. Helaas
kijken de meeste beleggers alleen naar rendement, en
beleggen daardoor te eenzijdig in aandelen (meestal ook nog
alleen Nederlandse aandelen).
Toen in
1997 de Nederlandse aandelen meer dan 50% rendement lieten
zien, gingen veel Nederlanders massaal in deze aandelen
beleggen. Een rendement van meer dan 50% geeft echter direct
aan dat dit tevens veel risico bevat. Als de verwachting
(over een lange termijn belegging) 10% rendement is, is een
eenmalig rendement van meer dan 50% een groot risico. De
waarde zal dan ook een keer flink moeten dalen om weer rond
het gemiddelde uit te komen. In 2002 leden dezelfde
Nederlandse aandelen een verlies van ruim 30%.
Verschillende
risico's
Door meer te
kijken naar de risico’s zullen de meeste beleggers moeten
spreiden en maar een deel van hun vermogen in aandelen
beleggen. Hierdoor wordt het risico beperkt, uiteraard wordt
het rendementspotentieel ook neerwaarts aangepast.
Welke
rendementen zijn verantwoord?
Het
prognoserendement van een samengestelde portefeuille wordt
in het algemeen vaak overschat. De aandelen in een
portefeuille leveren het hoogste verwachte rendement en
daarmee ook het meeste risico van de portefeuille. Aandelen
haalden in het verleden een gemiddeld rendement van 10% per
jaar. Indien een portefeuille voor 50% uit aandelen bestaat
is het dus onlogisch met een prognose te rekenen van 10%. Om
met 10% over het deel in aandelen te mogen rekenen moeten we
een aantal zaken in ogenschouw nemen.
Allereerst
dient de belegging een looptijd te hebben van minimaal 15
jaar. Ten tweede dient de aandelenbelegging een wereldwijde
spreiding te kennen, vergelijkbaar met de MSCI World Index.
Ruim 100 jaar rendementen van wereldwijde aandelen
De jaarlijkse
opbrengsten van de MSCI World Index. Deze index
vertegenwoordigd de wereldwijde aandelen markt door duizend
grote internationale ondernemingen te volgen.
Bij ieder
jaartal hoort een opbrengst. Meestel valt de opbrengst
tussen de nul en plus twintig procent. Maar zoals bekend
zijn er grote schommelingen mogelijk bij aandelen, dus
sommige jaren een groot verlies, en sommige jaren een
grotere winst. Hoe langer men de
belegging
volgt hoe dichter de opbrengst bij het gemiddelde komt. Een
korte termijn belegging in aandelen is risicovol, op lange
termijn leveren aandelen het meest op.
Risico sterk afhankelijk van looptijd (Bron: MSCI)
Welke risico's
zijn verantwoord?
Uit research
valt af te leiden dat het risico van een eenjarige belegging
aanzienlijk is. De kans op verlies is groot, wellicht 20%
verlies. De kans op winst is echter ook groot, wellicht 40%
winst. Naarmate de belegging langer loopt neemt de kans op
verlies af, de opbrengst zal steeds dichter bij het
gemiddelde komen te liggen. Een aandelenbelegging met een
looptijd van 5 jaar of langer heeft naar alle
waarschijnlijkheid een positief rendement. Met een looptijd
langer dan 15 jaar is de kans groot dat de opbrengst in de
buurt van het gemiddelde ligt. Er is dus een kleine kans op
een lagere opbrengst en een kleine kans op een hogere
opbrengst.
Is het
instapmoment belangrijk?
Belegt u
over een langere periode, dan is een eventueel nadelige
effect van het verkeerde instapmoment te verwaarlozen.
Langere looptijd maakt timing onbelangrijk (Bron: MSCI)
Uit
research blijkt wat de jaarlijkse rendementen van aandelen
wereldwijd zijn geweest vanaf 1970. In een curve kunnen wij
laten zien wat het gemiddelde rendement op deze aandelen is
indien u steeds in een ander jaar bent begonnen. Bent u pas
in 2003 begonnen met beleggen dan heeft u een gemiddeld
rendement van 23%, dit is ook het enige rendement wat u
heeft gemaakt. Bent u in 2000 begonnen met beleggen in
wereldwijde aandelen dan heeft een gemiddeld jaarrendement
van -13% over de afgelopen vier jaar. Bent u in 1985
begonnen dan is uw jaarrendement gemiddeld ruim 10%. De
wereldwijde oliecrisis heeft in 1973 en 1974 zijn sporen
achtergelaten op de beurs met respectievelijk -15 en -24%.
Was u voor of na de crisis begonnen met beleggen dan had dit
weinig uitgemaakt in uw jaarlijks gemiddelde, uw looptijd
heeft de schommelingen gladgestreken.
|UP|
Stap 3: Hoe
beperk ik de risico's?
Als u grote
schommelingen van de waarde van uw portefeuille wilt
voorkomen kunt u minder in aandelen beleggen en meer in
obligaties. Dit beperkt het risico, maar natuurlijk ook het
rendement. Als we de rendementen van obligaties bekijken
zien we een aantal belangrijke verschillen.
Verhouding risico
en rendement
Allereerst is
de beweging in aandelen veel groter dan de beweging in
obligaties. Deze schommelingen geven het risico aan, de
afwijking van het gemiddelde. Obligaties laten minder
schommelingen zien, het gemiddelde rendement is dan ook
minder dan dat van aandelen. Een ander belangrijk gegeven is
de correlatie tussen aandelen en obligaties. Het gebeurt
niet vaak dat zowel aandelen als obligaties minder dan
gemiddeld presteren. Hiervan kan men gebruik maken door
beide instrumenten in een portefeuille te plaatsen. Dit
werkt risicobeperkend.
Figuur 3.1
geeft de verhouding tussen rendement en risico weer in
relatie tot de verhouding aandelen en obligaties. De curve
die aan het begin van de grafiek is te zien wordt bepaalt
door de correlatie tussen aandelen en obligaties. Hieruit is
te herleiden dat bij een correlatie van nul een 100%
obligatieportefeuille risicovoller is dan een portefeuille
waar een beperkt deel aandelen in zit. Een portefeuille met
29% aandelen kent dan evenveel risico als een 100%
obligatieportefeuille.
Spreiding in
instrumenten, om tot een goed gespreide
beleggingsportefeuille te komen, moet allereerst een goede
spreiding worden gemaakt over de instrumenten. Houd hierbij
in uw achterhoofd dat de meeste Nederlanders voornamelijk
beleggen in aandelen en ook nog eens voornamelijk in
Nederlandse aandelen. Een zeer groot deel van uw rendement
wordt bepaald door de juiste keuze voor deze instrumenten
(en niet voor de keuze: ‘welk aandeel?’). U zult een
verdeling moeten maken tussen aandelen, vastgoed, obligatie
en liquiditeiten.
Efficiënte
beleggingsportefeuilles
In een
voorbeeld van vijf portefeuilles waarbij tevens rekening is
gehouden met de verbanden tussen aandelen, vastgoed,
obligaties en liquiditeiten, worden de portefeuilles
gerangschikt naar termen van risico versus potentieel
rendement. Hierbij kent de beleggingsportefeuille met de
minste aandelen het minste risico en de
beleggingsportefeuille met de meeste aandelen het meeste
risico. Men mag aannemen dat de meest risicovolle
portefeuille op de langere termijn het meeste rendement zal
laten zien, maar op de korte termijn tot het meeste verlies
kan leiden.
Efficiënte
beleggingsportefeuilles oplopend in risico
Professionaliteit van
beleggingsfondsen
Om een goed
gespreide internationale portefeuille op te bouwen is een
aanzienlijk vermogen nodig. Het is onze overtuiging dat je
met een vermogen van minder dan €1 miljoen niet in staat
bent om voldoende spreiding aan te brengen als je kiest voor
losse effecten. Dé oplossing is een keuze te maken voor
beleggingsfondsen, waarbij je belegt met relatief kleine
bedragen alsóf je een grote professionele belegger bent.
Met de juiste
analyse kunnen sommige beleggingsfondsen voor meer voordelen
zorgen.
Kostenbesparing door grootschaligheid, expertise van
onbekende markten, deskundigheid en continue zorg van
professioneel management leveren bij enkele fondsen een
groot voordeel op. Het is echter moeilijk uit het universum
van ruim 120.000 verschillende beleggingsfondsen de juiste
te vinden. Hierover meer bij stap 4.
In het
algemeen geldt:
hoe hoger
het rendement, hoe hoger het risico en visa versa;
gewone
obligaties en liquiditeiten hebben een lager risico dan
aandelen;
spreiding
in beleggingsinstrumenten verlaagt het risico;
spreiding
in verschillende economieën verlaagt het risico;
risico
neemt af naarmate de looptijd langer wordt.
|UP|
Stap 4: Welk onderhoud is
noodzakelijk?
Iedere
beleggingsportefeuille heeft onderhoud nodig. Met het niet
tijdig bijhouden, analyseren en aanpassen van uw
beleggingsportefeuille loopt u extra risico's. Hoe serieuzer
uw belegging hoe serieuzer uw onderhoud. Indien uw belegging
een onderdeel is van uw financieel plan en bijvoorbeeld voor
uw pensioenaanvulling, aflossing hypotheek of huidig budget
dient, is het verstandig de beleggingsportefeuille aan de
hartbewaking te leggen van een professionele
vermogensbeheerder.
Toenemend risico
bij passieve portefeuilles
Rebalancing
Een onderdeel
van het onderhoud is de periodieke ‘rebalancing’.
Als aandelen
de grootste stijging laten zien in een portefeuille dan
neemt automatisch het risico van die portefeuille toe.
Doordat het aandelendeel in verhouding meer is toegenomen.
Een beleggingsportefeuille die in 1970 voor 25% uit aandelen
bestond. Het aandelendeel neemt binnen twee jaar toe tot
bijna 35% (vaak ongemerkt). Hoe harder de aandelen stijgen
hoe groter het aandelendeel wordt. In de grafiek groeit het
aandelendeel van 25% naar ruim 75%. Hierdoor wordt de
performance van de portefeuille te sterk afhankelijk van het
aandelendeel met alle risico’s van dien. De ontstane
portefeuille sluit niet aan bij het risicoprofiel van de
belegger.
Om
ervoor te zorgen dat u als belegger nooit voor verassingen
komt te staan moet u regelmatig een zogenaamde ‘rebalance’
uitvoeren. U dient de verhouding aandelen en obligaties
structureel te monitoren en aan te passen aan de
basissituatie. In de basisverhouding houden krijgt u een
portefeuille waarbij het risico steeds gelijk is en daarmee
aansluit bij uw beleggersprofiel. Periodieke ‘rebalancing’
is het recept voor beheerste vermogensontwikkeling. Wat
feitelijk in de portefeuille gebeurt is automatisch winst
nemen waar de winsten zijn gemaakt en structureel bijkopen
waar de onderwaardering is.
Gedetailleerde
opbouw beleggingsportefeuille
Timing van
internationale markten
De opbouw van
een beleggingsportefeuille begint bij de verdeling van het
vermogen over liquiditeiten, obligaties, vastgoed en
aandelen, de zogenaamde Asset Allocatie. Schematisch wordt
aangegeven hoe u steeds gedetailleerder uw beslissingen moet
nemen.
Na de Asset
Allocatie komt de volgende fase: de keuze moet worden
verfijnd naar regio's (Bijvoorbeeld China, Oostblok,
Noord-Amerika of Europa), sectoren (bijvoorbeeld
farmaceutische industrie of ICT), beleggingsstijl
(bijvoorbeeld groei of defensief) en grootte. Hierbij moet u
altijd goed rekening houden met valutarisico's.
Spreiding in
regio's (Bron: Morningstar)
In 2003 daalde
de dollar met ruim 20% ten opzichte van de euro. Dit
betekent dat beleggers die een prima rendement op hun
Amerikaans vastgoed van 22% hadden behaald dit tot nog geen
2% zagen slinken door het valutarisico. Europese beleggers
in 'veilige' Amerikaanse obligaties verloren gemiddeld 15%
in 2003!
In een
beleggingsportefeuille kunnen verschillende risico's
voorkomen. Twee belangrijke risico's zijn marktrisico en
specifiek risico. Marktrisico is ten dele door spreiding in
regio's te beperken. Als iets gebeurt in een markt waarbij
alle aandelen gelijk reageren spreekt men van marktrisico.
Na de gebeurtenis in New York op 11 september 2001 zagen we
alle aandelen omlaag kelderen.
Zelfs
een wereldwijde spreiding hielp op dat moment nauwelijks
verliezen te beperken. Op alle internationale markten
reageerden aandelen hetzelfde, alleen spreiding in
beleggingsinstrumenten (aandelen, obligaties, vastgoed en
liquiditeiten) beperkte op dat moment de verliezen.
Spreiding in sectoren (Bron: Morningstar)
Specifiek
risico behelst het risico van een enkel aandeel of een
enkele sector. Door spreiding in meerdere aandelen, en
vooral in meerdere sectoren is specifiek risico te beperken.
Een belegging
dient dus over enkele sectoren gespreid te zijn.
De laatste
fase is Stock Picking, de uiteindelijke keuze wat wordt
aangekocht. Het vermogen dient uiteindelijk in de economie
te belanden om daar een zekere of onzekere opbrengst te
realiseren. Indien u een gedetailleerde
beleggingsportefeuille heeft opgebouwd begint het weer
opnieuw. U dient regelmatig uw beslissingen te analyseren,
overwegen en indien nodig te herzien.
Enkele aanbieders van beleggingsfondsen
Selectie van
beleggingsfondsen
Als u met uw
vermogen een willekeurige bank in Nederland binnenloopt
krijgt u het advies te beleggen in de huisfondsen van die
bank. Iedere bank heeft tientallen huisfondsen om een goed
gespreide beleggingsportefeuille te kunnen bouwen. De
geschiedenis leert ons dat de resultaten van deze
huisfondsen enorm verschillen als we de banken onderling
vergelijken.
U wilt
natuurlijk het beste Europese aandelenfonds en het beste
wereldwijde obligatiefonds in uw portefeuille. Dus moet u
bij alle aanbieders van beleggingsfondsen gaan zoeken. In
dit oerwoud van 120.000 verschillende beleggingsfondsen is
dat een lastige opgave. Een opgave die u op frequente tijden
moet herhalen.
Maar wat is nu
het beste fonds? Indien het ene fonds twee keer meer
rendement maakt dan een ander, maar daar vier keer meer
risico voor heeft genomen?
Een fonds dat
al tien jaar bestaat of een fonds dat net is geïntroduceerd?
Een fonds met hoge instapkosten of een fonds dat niet
transparant is in de kosten?
Wij zijn van
mening dat geen enkele aanbieder met alle verschillende
fondsen de beste kan zijn. Daarnaast zijn wij van mening dat
het beste fonds niet per definitie voor onbepaalde tijd het
beste fonds is. Vrijwel alle banken en vermogensbeheerders
die beleggingsfondsen op de markt brengen willen u dit
echter wel graag laten geloven.
Zij willen
graag klanten op ieder gebied, van aandelen Europa, vastgoed
in Amerika en obligaties in Azië, bedienen. Het is echter
verstandig om een selectie te maken van gelijksoortige
fondsen bij verschillende aanbieders. Vervolgens een keuze
te maken uit welk fonds de beste performance laat zien,
tegen de meest acceptabele risico's en de laagste kosten.
Uiteindelijk is het samenspel van de fondsenkeuzes cruciaal
voor de karakteristiek van de portefeuille.
Iedere
belegger hoopt natuurlijk de betere fondsen in zijn
portefeuille te hebben. Risicovolle fondsen laten per
definitie extreme uitslagen zien. Het is daardoor geen
streven bij de hoogst renderende fondsen te horen, dit
kunnen de risicovollere fondsen zijn. Kijk meer naar het
gemiddelde (of naar een benchmark of peergroup), presteert
uw fonds structureel onder dit gemiddelde of onderin de
peergroup dan is een wijziging in uw beleid aan te raden.
Aanbeveling
Wij realiseren
ons dat beleggen veel meer bevat dat hetgeen wat hier staat
beschreven. Wij hopen enkele inzichten gepresenteerd te
hebben om u te helpen met uw beslissingen. Deze informatie
bevat echter geen beleggingsadvies. Dat vergt inzicht in uw
individuele situatie en dus uw beleggersprofiel. Wij zijn
van mening dat iedere serieuze belegging door een serieuze
vermogensbeheerder moet worden uitgevoerd en continu moet
worden beheerd. Wij helpen u graag op weg door samen een
beleggersprofiel te maken.
Ter overdenking:
-
op lange
termijn blijkt dat beleggen de enige vorm van
vermogensopbouw is die de effecten van inflatie en belasting
compenseert;
-
over een
langere periode is het verwachte rendement positief;
-
de invloed
van het instapmoment op het resultaat is van minder belang
als u
over een lange periode belegt;
-
bij
spreiding van de beleggingen zullen de risico's beperkt
worden;
-
de
resultaten van beleggingsfondsen verschillen aanzienlijk;
-
een
belegging dient een onderdeel te zijn van een financieel
plan;
-
u
dient regelmatig uw profiel en dat van uw portefeuille op
elkaar af te stemmen.
Let op!
Wie geld belegt
neemt financieel risico. Het bedrag dat voor belegging
beschikbaar is wordt niet volledig belegd, een deel gaat op
aan kosten. De waarde van uw belegging kan fluctueren en in
het verleden behaalde resultaten bieden geen garantie voor
de toekomst.
Hoewel de
informatie met de grootst mogelijke zorgvuldigheid is
samengesteld door
Schuttenhelm Financiële Diensten, deze van oordeel is dat de
informatie een juiste weergave van de stand van zaken is ten
tijde van de publicatie kan Schuttenhelm Financiële Diensten geen garantie geven dat deze
informatie juist- en/of volkomen is en/of blijft. Schuttenhelm Financiële
Diensten is geregistreerd bij de Autoriteit Financiële Markten
te Amsterdam.
|UP| |